|
WMO Raad Oldambt
Nieuwsarchief
01-2012
Nieuwjaars wensen
Rond de jaarwisseling is het gebruikelijk, dat de Nieuwjaarswensen
worden uitgewisseld. Er wordt dan even stilgestaan bij het oude jaar en
een vooruitblik geworpen naar het nieuwe jaar. Voor een lid van de
Wmo-raad is dit toch wel moeilijk. De vooruitzichten zijn nu eenmaal
niet bepaald rooskleurig en dan dreigen de Nieuwjaarsboodschappen nogal
somber te worden. Geen goede start dus. Ik heb een maand nagedacht over
de bla-bla, die ik zou gaan schrijven. Het lukte maar niet.
Tot het moment dat ik het
advies over
de speelvoorzieningen las.
Ik besefte plotseling dat kinderen de boodschap in zich hebben en het
mooiste is, dat zij elke dag die boodschap uitdragen. Iedereen kent die
boodschap, maar ik schrijf toch maar op
De dag dat de mens vergeet speels te zijn, de dag dat de mens vergeet
te lachen, de dag dat de mens vergeet te dansen, is hij geen mens meer;
hij is naar een niet-menselijk niveau gevallen. Speelsheid maakt hem
licht, liefde maakt hem licht, lachen geeft hem vleugels. Door met
vreugde te dansen, kan hij de verste sterren aanraken, kan hij de
diepste geheimen van het leven leren kennen.’
11-2011
De vergadering in oktober kenmerkte zich door veel notities, waar
een advies over werd verlangd en een behoorlijk aantal ambtenaren, die
de stukken wilden toelichten.
De steunstee nieuwe stijl
In deze startnotitie wordt allereerst een analyse beschreven over de
huidige situatie. Voor de Wmo raad was deze analyse herkenbaar. De
acties, die volgen uit de visie en de doelen, worden door de Wmo raad
positief beoordeeld. Wij wachten de concrete plannen af.
(zie advies)
Het Beleidsplan Wet maatschappelijke ondersteuning 2012 – 2015
De uitgangspunten van de vorige beleidsperiode worden in dit plan
overgenomen. Deze uitgangspunten hebben voor de burger weinig problemen
opgeleverd. Gezien de financiële en maatschappelijke ontwikkelingen zal
met name de uitvoering in de komende jaren van belang zijn. De functie
extramurale begeleiding zal naar de gemeente worden overgeheveld,
hetgeen tot knelpunten bij de burgers kan leiden. Ook zal in de komende
periode meer de nadruk worden gelegd op de verantwoordelijkheid van de
burger. Dit wordt door de Wmo-raad onderschreven. De Wmo raad heeft zich
positief over dit beleidsplan geadviseerd. De Wmo-raad adviseert B & W
om zo spoedig mogelijk met concrete plannen te komen om zo de kanteling
het hoofd te bieden.
(zie advies)
Vrijwilligersbeleid
Bij de concept notitie “Vrijwilligersbeleid”heeft de Wmo raad een aantal
opmerkingen gemaakt. De Wmo-raad is van mening, dat het fenomeen
“vrijwilliger” en het fenomeen “Mantelzorger”best wat meer mag worden
uitgediept. Ook de koppeling tussen vrijwilliger en mantelzorger vinden
wij opvallend. Uit een goede analyse kan inzichtelijk worden waar de
vrijwilliger en de mantelzorg tegen aan lopen en ook op welke wijze zij
of hij kan worden ondersteund.. Omdat meer organisaties zich bezighouden
met het vrijwilligersbeleid, is het wijselijk om als gemeente hier een
coördinerende rol in te spelen.
(zie advies)
09-2011
De Burgerparticipatie
Begin september 2011 heeft de Wmo-raad het genoegen gehad om kennis te
nemen met de nota burgerparticipatie en de daarbij behorende
verordening. Wij zijn het met B&W eens, dat burgerparticipatie van
essentieel belang is om draagvlak in de samenleving te krijgen om de
complexe zaken, zoals vergrijzing,krimp,klimaat, veiligheid en
gebiedsontwikkeling het hoofd te kunnen bieden.
De Wmo-raad heeft in haar advies kenbaar gemaakt, dat zij geheel achter
de doelstelling staat van de burgerparticipatie. De inhoud van de nota
geeft weinig aanleiding tot commentaar, maar toch blijft de Wmo-raad met
2 essentiële vragen zitten. De eerste vraag is, of de gemeente
(ambtenaren) de burger wel echt volledig wil betrekken bij de
gemeentezaken?. En de tweede vraag is of de burger wel betrokken wil
worden bij de gemeentezaken?
Eind volgend jaar zal de burgervader in zijn verslag schrijven of deze
vragen positief zijn beantwoord.
(zie advies: burgerparticipatie)
Het tevredenheidonderzoek
De Wmo-raad heeft een ongevraagd advies uitgebracht over het
tevredenheidonderzoek , wat gehouden is onder de gebruikers van een
aantal voorzieningen. De Wmo-raad heeft B & W geadviseerd om na een
onderzoek met een plan van aanpak te komen. Op deze manier kan het
proces van onderzoek en verbeteringen, gevolgd worden.
Het viel de Wmo-raad op, dat met name het vervoer (taxiplus) niet erg
goed uit de verf kwam. Dit had de Wmo-raad enkel maanden geleden ook al
aangekaart bij de verantwoordelijke wethouder, maar tot heden is er van
die kant geen respons gekomen.
(zie
advies tevredenheidonderzoek)
07-2011
Komkommertijd.
Over het algemeen spreken we van een komkommertijd, als niet veel is
te melden. De komkommer periode wordt gekenmerkt door mooi weer,
genietende vakantiegangers en veel rust op het nieuwsfront.
Of het nu aan het weer ligt of aan de komkommers, maar dit jaar heeft
het begrip komkommertijd een andere betekenis gekregen. Het weer is
slecht, de vakantiegangers proberen het droog te houden en over de
komkommers kan je beter niet teveel zeggen. Alhoewel: ze zijn nu wel in
de aanbieding.
De Wmo-raad heeft echter wel vergaderd en een aantal onderwerpen
diepgaand besproken. De ouderenbond heeft bij de Wmo-raad een groot
aantal klachten neergelegd over Taxiplus. Het loopt daar niet echt goed.
M.n. de wachttijden zijn een zeer grote doorn in het oog. Dit beeld
wordt ook bevestigd door het tevredenheidonderzoek bij de gemeente
Oldambt. Naast de lange wachttijden komt het voor dat de bejegening
richting de klanten onder het bekende peil is. Uiteraard worden hier
niet de goede medewerkers bedoeld. De Wmo-raad heeft de
verantwoordelijke wethouder geadviseerd om op korte termijn, met de
directie van Taxiplus, deze schrijnende situatie door te nemen. De
Wmo-raad hoopt, dat er geen komkommertijd is in het gemeentehuis.
(zie advies)
De Uitvoeringsnotitie Centrum voor Jeugd en Gezin
Zoals u ongetwijfeld weet, heeft de gemeente de verplichting voor de
totstandkoming van een centrum voor Jeugd en Gezin en daarin de taak
toebedeeld heeft gekregen om de regie te voeren over de jeugdzorgketen
om zo ervoor te zorgen dat een jeugdige zich goed kan ontwikkelen dan
wel om in actie te komen als er signalen zijn dat een kind of gezin in
de problemen verkeert of dreigt te geraken.
In de uitvoeringsnotitie wordt de aanpak van dit centrum beschreven. De
Wmo-raad heeft na afloop van een discussie met de wethouder en de
verantwoordelijke ambtenaren geconcludeerd, dat de uitvoeringsnotitie
CJG een goede aanpak kan zijn, om problemen, waar jeugdigen mee
worstelen op een snelle en adequate wijze op te lossen.
(zie advies)
05-2011
Het voorlopig ontwerp cultuurhuis
In de vergadering van april werd de Wmo-raad verrast met een flinke
stapel tekeningen van het nieuw te bouwen cultuurhuis. In een
begeleidend briefje werd gevraagd om een advies over dit voorlopige
ontwerp.
In de eerste opwelling werd de toegankelijkheid van het cultuurhuis
onder de loep genomen. We stelden onszelf de vraag of bezoekers, die
afhankelijk zijn van een elektrische rolstoel de verschillende ruimtes
kunnen “betreden”en of zij in staat waren een theatervoorstelling te
volgen. En zijn voldoende toiletten aanwezig om de in- en valide
bezoekers de gelegenheid te geven om, massaal en in een kort tijdsbestek
, hun afvalstoffen aan het riool te kunnen toevertrouwen? Op dit gebied
heeft de Wmo-raad het college geadviseerd om met de
gehandicaptenplatform in overleg te treden om het gebouw op deze punten
te bekijken.
Het neerzetten van het cultuurhuis is één, maar de vraag beantwoorden op
welke manier dat betaald moet worden is twee. Het college is hier nog
niet helmaal uit en een definitief haalbaarheidsonderzoek moet nog
plaatsvinden., In dit kader heeft de Wmo-raad gemeend enige opmerkingen
te maken over de indeling en de exploitatie van het gebouw.
De verschillende voorzieningen, die in het gebouw zijn samengevoegd,
stellen bijvoorbeeld hoge eisen aan het voorkomen van geluidsoverlast.
Maar het heeft ook de nodige consequentie voor de energie rekening.
De Wmo-raad heeft de opmerkingen en de adviezen naar het college
gestuurd in het vertrouwen dat zij een constructieve bijdrage leveren
voor het ontwikkelen van ons cultuurhuis.
(zie advies)
Zwembad “De Watertoren”
Een groep verontruste zwemmers, die gebruik maken van het zwembad “De
Watertoren”, hebben de Wmo-raad benaderd ,om wanneer er een advies wordt
gevraagd, die betrekking heeft op een tijdelijke sluiting van het
zwembad , hen te betrekken bij de advisering.
De Wmo-raad heeft in haar vergadering in mei afgesproken, dat er een
brief naar het college gaat met de vraag of er concrete plannen bestaan.
over een tijdelijke sluiting van het zwembad. Wanneer er een plan is,
dan wil de Wmo-raad dit plan graag van een advies voorzien. Uiteraard
zal de Wmo-raad in contact treden met de verontruste groep zwemmers.
Mocht er geen plan zijn, dan wil de Wmo-raad graag weten waarom deze
onrust is veroorzaakt.
04-2011
Oeps, we gaan kantelen
De Wmo vraagt om een 'kanteling' in denken en doen met als leidend
principe zelfredzaamheid en participatie. De compensatieplicht in de Wmo
zegt dat burgers gecompenseerd moeten worden zodat ze net als andere
mensen mee kunnen doen.
De compensatieplicht van de gemeente wordt nu tot leidend principe
gemaakt in de verordening. De kanteling wordt zichtbaar in de nieuwe
modelverordening. Het betekent echter ook dat er een aantal
aandachtspunten voor lokale belangenbehartigers en leden van Wmo-raden
blijven liggen.
Zie verder bij nieuws
Wmo vergadering maart
In de Wmo-vergadering is van gedachten gewisseld over het reilen en
zeilen van de Wmo-raad Oldambt. De wethouder sprak zijn waardering uit
over de wijze waarop de Wmo-raad Oldambt functioneert. Er kwam ook aan
de orde of de huidige status van de Wmo-raad (commissie van het college)
gecontinueerd zou moeten worden. De leden en de wethouder waren van
mening dat het zo op een goede manier verliep en dat overgaan naar een
stichting niet meer aan de orde was. Dat betekent dat het oude bestuur
van de stichting Wmo-raad Winschoten deze stichting kunnen opheffen.
De wethouder gaf aan dat er nog veel naar de Wmo-raad toekwam en hij gaf
aan dat het geen gemakkelijke periode zou gaan worden.
LOGO, ja we hebben een nieuw logo

03-2011
Op weg naar een gekantelde modelverordening
De Wmo vraagt om een 'kanteling' in denken en doen met als leidend
principe zelfredzaamheid en participatie. De compensatieplicht in de Wmo
zegt dat burgers gecompenseerd moeten worden zodat ze net als andere
mensen mee kunnen doen.
Stand van zaken
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is de brancheorganisatie
van de gemeenten. Zij komt op voor de belangen van gemeenten en ze helpt
gemeenten om hun werk zo goed mogelijk te kunnen doen. Een van de
activiteiten van de VNG is het opstellen van modelverordeningen voor hun
leden. Een modelverordening is een modeltekst die gemeenten kunnen
omzetten in plaatselijke regels. Gemeenten zijn niet verplicht om deze
modelteksten over te nemen. Gemeenten schrijven hun eigen verordening.
De vorige modelverordening van de VNG betrof de oude Wet voorzieningen
gehandicapten (Wvg). Nu de Wmo realiteit is moet de tekst aansluiten bij
de geest van deze nieuwe wet. De Wmo is een raamwet. In de Wmo worden de
wettelijke kaders geschetst. Gemeenten kunnen binnen die wettelijke
kaders hun eigen beleidsregels formuleren. Zo zorgen zij ervoor dat de
uitvoering van de Wmo aansluit bij de lokale situatie.
De verschillen tussen de oude modelverordening en de nieuwe
conceptmodelverordening worden hieronder op hoofdlijnen omschreven.
Het belangrijkste verschil tussen de oude Wvg en de Wmo is de overgang
van een zorgwet naar een participatiewet. De oude Wvg ging uit van een
zorgplicht voor de gemeente. In de Wmo is een nieuwe leidraad
geïntroduceerd: de compensatieplicht. De gemeente heeft de verplichting
naar haar burgers om de effecten van de beperkingen die zij ervaren te
compenseren, zodat zij mee kunnen doen aan de samenleving en zelfredzaam
zijn.
Van zorgplicht naar compensatieplicht
De oude Wvg ging uit van een zorgplicht voor de gemeente. In de nieuwe
Wmo is een nieuwe leidraad geïntroduceerd: de compensatieplicht.
De gemeente heeft de verplichting naar haar burgers om de effecten van
de beperkingen die zij ervaren te compenseren, zodat zij mee kunnen doen
aan de samenleving en zelfredzaam zijn. Het verschil tussen de oude Wvg
en de Wmo is de overgang van een zorgwet naar een participatiewet.
Van aanbodsturing naar probleemsturing
In de oude modelverordening stond het aanbod centraal; het verstrekken
van producten en diensten volgens het verstrekkingenboek.
In de nieuwe modelverordening staat het probleem centraal, dat een
burger tegenkomt in zijn zelfredzaamheid en maatschappelijke
participatie. Wat is het ambitieniveau van maatschappelijke
participatie, welke problemen komt de burger hierin tegen en welke
oplossingsrichtingen kunnen gevonden worden?
Van voorzieningen naar bereiken van resultaten
Nieuw in de Wmo is dat de gemeente een resultaatverplichting heeft.
Dit houdt in dat de burger en de gemeente samen in kaart brengen, in het
“keukentafelgesprek”, welke oplossingen gevonden kunnen worden voor het
geformuleerde resultaat. Deze oplossingen kunnen gevonden worden in de
eigen kracht van de burger, het sociale netwerk (Mantelzorgers en
vrijwilligers) er om heen, algemene voorzieningen en individuele
voorzieningen. Al deze oplossingsrichtingen kunnen, zonder hiërarchie,
een bijdrage leveren aan het bereiken van het geformuleerde resultaat.
Van collectief voorzieningen naar maatwerkoplossingen
De Wvg ging uit van het verstrekken van voorzieningen. Daarbij werd
eerst gekeken naar collectieve voorzieningen en vervolgens naar
individuele voorzieningen. In een gekantelde modelverordening is een
hiërarchie niet aan de orde, omdat het gaat om het oplossen van een
probleem en het bereiken van een van te voren geformuleerd resultaat.
In samenspraak tussen gemeente en burger kan gekozen worden voor alle
beschikbare mogelijkheden: algemene voorzieningen, collectieve
voorzieningen en individuele voorzieningen. Als het maar leidt tot het
gewenste resultaat.
Omdat ieder mens anders is, en een andere situatie heeft, is er sprake
altijd van maatwerk.
Norm goedkoopst adequaat naar normaal functioneren
In de oude modelverordening ging het om de goedkoopst adequate
oplossing. Het vertrekpunt was het verstrekken van de beschikbare
voorzieningen en hing samen met de norm; de goedkoopste voorziening die
adequaat is.
Met de compensatieplicht in de Wmo is de nieuwe norm: ‘Normaal kunnen
meedoen aan de samenleving en zelfredzaamheid’.
De oplossing die gevonden wordt voor de beperking moet voldoende
compenseren, zodat normaal meedoen aan de samenleving mogelijk wordt of
blijft. Het bereiken van het resultaat is de leidraad. Wanneer er
meerdere voorzieningen inzetbaar zijn die allen leiden tot hetzelfde
resultaat, kan de gemeente kiezen voor de goedkoopste oplossing.
Van verstrekken in nature naar keuzevrijheid tussen PGB en natura
In de Wvg ging het om het verstrekken van voorzieningen en was de lijst
van het verstrekkingenboek limitatief. De voorziening werd altijd in
natura verstrekt.
De Wmo kent een keuzevrijheid; mensen kunnen kiezen voor een voorziening
in natura of voor een persoonsgebonden budget.
Met een persoonsgebonden budget kunnen burgers hun hulp en begeleiding
inkopen bij instanties en personen die het beste bij hun past.
Van doelgroep ‘fysieke beperkingen’ naar doelgroep ‘burgers met een
beperking’
In de oude modelverordening kwamen alleen burgers met een fysieke
beperking in aanmerking voor een voorziening.
De Wmo heeft een bredere doelgroep: alle burgers met een beperking komen
in aanmerking voor de Wmo. Het gaat dan om burgers met een fysieke,
verstandelijke, geestelijke of psychosociale beperking. De beperking kan
liggen op het terrein van zelfredzaamheid en participatie.
Van claimbeoordeling naar “keukentafelgesprek”
In de oude Wvg werd een aanvraag voor een voorziening gedaan, die door
de gemeente beoordeeld werd. Een voorbeeld van deze werkwijze is de
telefonische indicatie voor huishoudelijk hulp. Met de compensatieplicht
gaat het om het oplossen van een probleem die een burger ervaart in
participatie en zelfredzaamheid. Dit vraagt om een persoonlijk gesprek
tussen de gemeente en de burger, het zogenaamde “keukentafelgesprek”.
In dit gesprek wordt het probleem verkend en wordt het resultaat
geformuleerd. Hierna wordt samen op zoek gegaan naar de oplossingen die
bijdragen aan het geformuleerde resultaat. Voor een individuele
voorziening blijft een indicatie nodig. De burger moet hiervoor een
aanvraag indienen.
Van consumptieve burger naar (pro) actieve burger
Was het voor burgers voorheen gebruikelijk om een voorziening (bij
recht) te claimen, in de gekantelde situatie wordt er een andere houding
van de burger verwacht. Hierbij wordt er ook gekeken wat de eigen
bijdrage van de burger (of van zijn sociale omgeving) is of kan zijn.
Het vraagt van de burger dat hij zijn hulpvraag onder woorden kan
brengen, middels het “keukentafelgesprek’.
Daarbij wordt ook gekeken wat de eigen bijdrage van de burger zelf is of
van zijn sociale omgeving. Het vraagt van de burger ook dat hij zijn
hulpvraag onder woorden kan brengen en aangeven welke resultaat hij wilt
bereiken in zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie. Dit is om
de regie zoveel mogelijk bij de burger zelf te laten.

|